Close

HET NIEUWE BREIN VAN DE DOKTER

De 38ste Masterclass van Mind&Health werd dit keer gegeven door arts en ondernemer Erik-Jan Vlieger, waarin hij ons meeneemt in de complexe wereld van de gezondheidszorg. Met alles wat er goed aan is, maar ook met een systeem dat hapert en hoe dat beter zou kunnen. Een uiterst boeiende avond over een onderwerp dat ons vroeg of laat allemaal raakt en wat voor velen steeds meer een slangenkuil dreigt te worden.

Onze zorg is fenomenaal! Dat is het eerste wat Erik-Jan heel duidelijk wil stellen. Met al onze huidige behandelwijzen kunnen steeds meer kwalen worden verholpen en genezen. In de afgelopen dertig jaar is de borstkankersterfte gehalveerd, met aids kunnen mensen nog lang en gelukkig leven, maagzweren hoeven niet meer geopereerd te worden en tegen baarmoederhalskanker kan men worden ingeënt. En dit zijn nog maar een paar voorbeelden die hij deze avond noemt. Zonder onze medische zorg zouden we aan van alles en nog wat bezwijken. Daaraan mogen bijdragen, maakte het artsenberoep voor hem in eerste instantie aantrekkelijk.

Geraakt door geneeskunde

Hij startte zijn carrière als fysicus in de radiotherapie en werkte later als zorgadviseur in het bedrijfsleven. Het viel hem op dat er – ondanks onze uitermate goede zorg – ook zaken misgaan. Dit heeft onder andere te maken met de gigantische hoeveelheid informatie, kennisverwerking en communicatie tussen artsen en zorginstellingen onderling.

Erik-Jan raakte er steeds meer van overtuigd dat dit beter kon. Het leidde tot zijn onderzoek om oplossingen te vinden voor een efficiënter en daardoor ook effectiever systeem. Op welke wijze kunnen artsen en zorginstellingen nu het beste meewerken aan de allerbeste zorg voor patiënten, zodat deze van optimale kwaliteit is? Dat werd het uitgangspunt van zijn nieuwe missie en tevens min of meer de start van zijn eigen bedrijf, waarmee hij niet alleen artsen, maar ook instellingen en beleidsmakers adviseert. Zijn opgedane kennis en de vele nieuwe mogelijkheden die hij ontdekte, vatte hij samen in zijn vorig jaar verschenen boek ‘Het nieuwe brein van de dokter’, waarvan de belangrijkste inzichten direct kunnen worden toegepast.

Zijn bedrijf heeft niet alleen als doel om slimmer met alle kennis om te gaan, maar ook om deze meer behapbaar te maken. Richtlijnen zijn samenvattingen van de wetenschap, die artsen gebruiken om zorg te leveren. Die richtlijnen zijn echter slecht leesbaar, waarschijnlijk deels vanwege juridische aspecten. Daardoor worden ze maar matig gebruikt. Samen met andere artsen herschrijft hij deze in meer duidelijke taal, met scherpere aanduidingen, in een makkelijker leesbare vorm met tevens klik-mogelijkheden.

Beheersbaar

Het grootste probleem is dus de alsmaar groeiende informatiestroom. Verschijnt er nu al elke 23 seconde een nieuw medisch artikel, over 10 jaar is dat iedere 14 seconde! De vraag is daarom: hoe gaat men nu om met al die toenemende hoeveelheid kennis? Hoe maak je deze beheersbaar? ‘Het is voor de meeste artsen een onmogelijke opdracht om de gigantische toestroom aan informatie te verwerken,’ licht Erik-Jan toe. ‘Dit gaat niet alleen af van het werkplezier, maar als een arts alles zou moeten lezen wat nodig is, zou hij of zij niet meer aan het eigenlijke werk toekomen. Het medisch handelen kan daarom soms wel zeventien(!) jaar achterlopen op de kennis. Maar ook de communicatie en samenwerking verloopt niet altijd zoals gewenst.

Als voorbeeld vertelt hij een schrijnend verhaal over een pasgeboren kindje dat ineens hoge koorts kreeg. Na respectievelijk lever- en nierfalen en allerlei interventies overleed het. Onnodig bleek later. Wat was hier aan de hand? Het kindje bleek in het ziekenhuis te zijn geïnfecteerd met het herpesvirus en aangezien de moeder hiervoor geen antistoffen had, waren deze bij de baby ook afwezig. Niemand die hieraan had gedacht. Tijdens zijn onderzoek ontdekte hij een ziekenhuis die de behandeling tegen dit herpesvirus wel in het protocol had staan. Maar in veel ziekenhuizen was deze behandelwijze niet doorgedrongen.

Erik-Jan: ‘Het gaat vooral om heldere communicatie en een goede infrastructuur voor de diverse informatiestromen, met name tussen artsen en ziekenhuizen. Denk hierbij aan bijvoorbeeld multidisciplinair werken en klinische netwerken. Hij gaf zijn bedrijf niet voor niets de naam Alii – een woord afkomstig uit het Latijn dat staat voor ‘anderen’. Hiermee wil hij benadrukken dat het vooral om samenwerking gaat. Want alleen dan kan er een duurzame verandering plaatsvinden.

Protocollen en cowboys

Protocollen zijn ook zoiets. Ze komen tot stand door bewezen resultaten uit het verleden en dienen daarom als veilige en effectieve handleidingen voor diverse problemen. Zo vormen ze ook een dekking voor aansprakelijkheid en daar wringt de schoen tegelijk ook. Want beschermen medische protocollen het leven tegen ingrepen die een situatie kan verergeren of zijn het regels die verhinderen dat er nog een ultieme poging tot behandelen wordt gedaan?

Erik-Jan: ‘Daar lopen de meningen over uiteen. Artsen zijn over het algemeen genomen eigenwijs en willen vaak graag hun eigen gang gaan, maar toch blijkt het volgen van protocollen het beste te werken.’ Hij geeft een opvallend voorbeeld van een ziekenhuis waarvan alle hartpatiënten ineens beter herstelden toen de cardiologen op congres waren. ‘Een mogelijkheid zou kunnen zijn dat ‘cowboys’ die eerder geneigd zijn om stents te schieten, op dat moment afwezig waren, waardoor de bestaande protocollen nauwkeuriger werden opgevolgd. Ook uit alle literatuur blijkt dat het volgen van de strikte richtlijnen tot de hoogste kwaliteit leidt.’

Erik-Jan: ‘Artsen zijn uiteraard superviserend, maar ze zouden veel vaker minder hoogopgeleid, maar wel heel gespecialiseerd medisch personeel kunnen inzetten voor verschillende behandelingen.

Het ego en de zorg

Deze Masterclass zorgde voor de nodige discussie. Iedereen heeft wel ergens positieve of negatieve ervaringen binnen de zorg. ‘Het artsenberoep is daarom enorm uitdagend,’ stelt Erik-Jan. ‘Het brengt een grote verantwoordelijkheid met zich mee, aangezien het hier letterlijk over leven en dood gaat. Om die reden voelen veel artsen zich – al vanaf hun studententijd – als het ware al ‘uitverkoren.’’

Op het einde van de avond, geeft Peter Kuijper als dank zijn bekende fles port uit het jaar 2004, het jaar dat hij de switch heeft gemaakt en bewust voor een gezonder leven koos. Na vanavond is hij weer eens extra dankbaar dat hij die andere weg is ingeslagen.

Ten slotte vraagt hij of Erik-Jan nog iets kan zeggen over de rol van het ego binnen de zorg. Het ego en de tevredenheid over zichzelf ziet Erik-Jan eerder als een soort van instrument om de angst te beteugelen. ‘Veel artsen vertonen narcistische trekjes, maar het is te makkelijk om te stellen dat het allemaal narcisten zijn.’

Want juist vanwege hun belangrijkheid spelen gevoelens als angst en onzekerheid een belangrijke rol. En met de komst van internet worden artsen tegenwoordig steeds vaker geconfronteerd met zeer mondige patiënten. Binnen het systeem waarin ze moeten opereren, lopen artsen daarbij soms tegen de nodige muren op. Zoals in het wel of niet naleven van protocollen. Dat is en blijft een risicovolle en daarom een angstige overweging voor iedere arts.

Om iedere situatie zo goed mogelijk te kunnen behandelen, is het werk van Erik-Jan onmiskenbaar waardevol. Maar liever willen we natuurlijk zo lang mogelijk buiten de zorgmolen blijven door proactief aan onze gezondheid te werken. Dat is ook de visie van Mind&Health. Zij zijn in mijn ogen daarom het best te vergelijken met het zorgsysteem ten tijde van het oude China, waar juist gezondheid het verdienmodel was en niet de ziekte.

 

Met dank aan Erik-Jan Vlieger en Roxane Catz, de schrijfster van deze blog

 

De blog is geïnitieerd door Mind&Health

 

 

Heeft deze blog je getriggerd, lees dan het boek van Erik-Jan Vlieger: